U bent hier

Urineweginfecties (UWI)

Cluster: 
U. Urinewegen
Status: 
Actueel - 2020

M05

 

Deze NHG-Standaard zit in een nieuwe jas.

U vindt deze richtlijn op onze nieuwe website NHG-Standaarden en behandelrichtlijnen (bèta). Op deze pagina vindt u nog wel de samenvatting en volledige tekst van deze standaard, te downloaden als pdf.

U bent van harte welkom om ons weten wat u van de nieuwe vormgeving en indeling vindt. Daarvoor bevat de nieuwe website een feedback-knop.

Kernboodschappen

  • Verricht alleen urineonderzoek bij een klinisch vermoeden van een urineweginfectie.
  • Bij een cystitis is nitrofurantoïne bijna altijd het middel van 1e keus.
  • Overweeg bij gezonde, niet-zwangere vrouwen een afwachtend beleid.
  • Indicaties voor inzet van een dipslide of verse urine voor kweek met resistentiebepaling door een laboratorium zijn:
    • tweemaal therapiefalen bij een cystitis bij gezonde, niet-zwangere vrouwen
    • cystitis bij patiënten die antibiotische profylaxe gebruiken
    • cystitis bij patiënten met een verhoogd risico op een gecompliceerd beloop. Overweeg bij vrouwen met diabetes mellitus met een cystitis, die verder gezond zijn en geen zieke indruk maken pas een kweek in te zetten bij een eventueel recidief
    • cystitis bij kinderen < 12 jaar
    • urineweginfectie met tekenen van weefselinvasie
    • een aanhoudend vermoeden van een urineweginfectie, terwijl urinestick en dipslide of sediment negatief blijven
  • Na isolatie van een groep-B-streptokok uit de urine van een zwangere vrouw bestaat er – ongeacht het resultaat van de behandeling en de zwangerschapsduur – een indicatie voor intraveneuze antibiotische profylaxe tijdens de partus.
  • Gebruik bij patiënten met een verblijfskatheter de urinestick alleen om een urineweginfectie uit te sluiten.
  • Behandel patiënten met een verblijfskatheter met mictieklachten alleen met antibiotica bij tekenen van weefselinvasie.